Zendtijd voor Kerken


bestellenstreepje contactstreepje www.calvijnherdenking.nlstreepje overige uitzendingenstreepje  vergrotenlettergrootte klein lettergrootte normaal lettergrootte Groot
fotovgHardenberg20091206_220px.jpg
6 december 2009, 11.00 nederland 2

WIE IS DIE JEZUS?!

Kerkdienst van de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt in Hardenberg Baalder

Ds. Adrian Verbree
http://www.gkvhardenberg-baalder.nl

bekijk
bestel informatie
reageren?

RSS(XML)

bijbeltekst:   Openbaring 22:12-21 en Johannes 3:36



Liturgie
Welkom
Votum en zegengroet
Zingen Psalm 84: 1, 2
Gebed
Zingen Psalm 146: 1,3, 7, 8
Lezen Openbaring 22 : 12 - 21
Solozang Fred Sollie Gereformeerd Kerkboek 78: 1 – 4
Lezen: Johannes 3 : 36
Preek
Zingen Psalm 2: 3, 4
Gedicht Marina Veurink
Gebed
Collecte
Slotzang Gereformeerd Kerkboek 76: 1, 2
Zegen

Gebed
God, onze Vader, wij komen met onze kleine mensenwoorden bij U. U, Die ons in Uw Woord onze plaats wijst. U noemde ons de kroon van Uw schepping. Even ging het goed en alles was mooi. Toen staken wij U naar de kroon en vonden onszelf met lege handen terug en de engel met het grote zwaard. Dank U wel dat U toen het boek niet hebt dicht gedaan, maar dat U bij Uw eigen naam zwoer, dat het donker weer zou oplichten. Dat mensen over de hele wereld advent zouden kennen en kerst en toekomst zouden vinden door U en bij U. Wilt U blij zijn met de dankbaarheid en de eerbied waaraan wij in deze dienst stemmen willen geven? Help ons door deze dienst met een open geest te luisteren naar de Bijbel, Uw Woord. Scherp ons op en verheug ons hart. Amen.

Bijbellezing: Openbaring 22 : 12 – 21
12 ‘Ik kom spoedig, en heb het loon bij me om iedereen te belonen naar zijn daden. 13 Ik ben de alfa en de omega, de eerste en de laatste, het begin en het einde.’ 14 Gelukkig zijn zij die hun kleren wassen: zij kunnen over de levensboom beschikken en zullen de stad door de poorten binnengaan. 15 Buiten is de plaats voor de honden die zich bezighouden met toverij en ontucht, met moord en afgodendienst, voor iedereen die de leugen koestert en ernaar handelt. 16 ‘Ik, Jezus, heb mijn engel gestuurd om jullie deze dingen bekend te maken voor de gemeenten. Ik ben de telg van David, zijn nakomeling, de stralende morgenster.’ 17 De Geest en de bruid zeggen: ‘Kom!’ Laat wie luistert zeggen: ‘Kom!’ Laat wie dorst heeft komen; laat wie dat wil vrij drinken van het water dat leven geeft.
18 Ik verklaar tegenover eenieder die de profetie van dit boek hoort: als iemand er iets aan toevoegt, zal God hem de plagen toevoegen die in dit boek beschreven zijn; 19 en als iemand iets afneemt van wat in het boek van deze profetie staat, zal God hem zijn deel afnemen van de levensboom en van de heilige stad, zoals die in dit boek beschreven zijn.
20 Hij die van deze dingen getuigt, zegt: ‘Ja, ik kom spoedig!’ Amen. Kom, Heer Jezus! 21 De genade van onze Heer Jezus zij met u allen.

Bijbellezing: Johannes 3 : 36
Wie in de Zoon gelooft heeft eeuwig leven, wie de Zoon niet wil gehoorzamen zal dat leven niet kennen; integendeel, Gods toorn blijft op hem rusten.’


Preek
Voor veel van ons zijn de donkere maanden niet de meest populaire van het jaar. Misschien stond u er nooit bij stil, maar we hebben er bij de indeling van onze kalender van alles aan gedaan om deze periode toch een beetje plezierig door te komen. We hebben er voor gezorgd dat er steeds iets is om naar uit te kijken. Voor de kinderen begint het al op 11 november: “11 november is de dag dat mijn lichtje branden mag”. Sint Maarten: zodra het donker genoeg is, gaan jullie met je lampion langs de deuren: snoep ophalen. Sint Maarten wordt gevolgd door Sint Nicolaas van wie we ALLEMAAL wat krijgen. Als het paard van Sinterklaas is gestald, halen we een boom in huis: Kerst. Kerst duurt wel twee dagen en daarna klinkt binnen een week het knallen van het vuurwerk en kunnen we ons, als de dampen zijn opgetrokken, richten op het lengen van de dagen.

In de kerk hebben we het nog beter geregeld. In deze donkere hoek van het jaar hebben we maar liefst vier complete weken van uitkijken en verwachten. De vier weken voor Kerst: de adventsweken. Advent betekent ‘komst’. Elke adventszondag wordt een volgende kaars aangestoken, tot het licht van Kerst het overneemt. Zo’n 2000 jaar geleden werd Jezus in Bethlehem geboren. Vier week lang kijken we vol verwachting naar die dag uit. Daar zit iets wonderlijks in. Wonderlijk, niet in de zin dat we gedenken. Gedenken is heel gewoon. Het wonderlijke zit hem in het feit dat we dat maar blijven doen. Het is inmiddels meer dan negentig jaar geleden dat de eerste wereldoorlog voorbij was. Onder andere bij Ieper in België werd verschrikkelijk gevochten. Sinds 1928 wordt die slag elke avond herdacht. Bij de Menenpoort in Ieper wordt sindsdien, alleen onderbroken door de Tweede Wereldoorlog, the Last Post geblazen. Elke avond weer, dat maakt indruk. En terecht. Dat ze het zolang volhouden! Ik hoop dat ze het nog lang blijven doen. Maar op een dag zal het waarschijnlijk ooit over zijn. De herinnering aan de Kerstnacht wordt al bijna tweeduizend jaar levend gehouden. Waarom elk jaar weer naar iets uitkijken wat steeds verder van je af komt te liggen? Stempelt zoiets de kerk niet nadrukkelijk tot iets van gisteren? Een plaats waar men uitkijkt naar wat al voorbij is? Wel, wij gedenken Christus’ geboorte, omdat Hij even goed van vandaag als van gisteren is. Hij is van vandaag, van morgen en van gisteren. Het Kerstkind was geen vuurpijl waarvan de lichtflits meteen weer wegstierf tegen de donker blijvende hemel. Het Kerstkind was geen eendagsvlieg; het was een blijvertje. Een blijver tot op de dag van vandaag.

Luister hoe Hij Zichzelf zag: Van voordat Abraham er was, ben ik er (Johannes 8). Ik ben de eerste en de laatste, het begin en het einde ( Opbaringen 22).

Klinkt dat als Iemand voor wie na 33 jaar het doek alweer viel? Dit is Iemand voor wie het doek net was opgegaan, wiens verhaal als Jézus Christus nog maar net begonnen was. Hoor Hem afscheid nemen van Zijn leerlingen: ‘Houd dit voor ogen: Ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld.’ Jezus leeft! Wij kijken net zo goed vooruit naar wat nog komt, als achteruit wat voorbij is. Al in de oude kerk, ver vóór het jaar duizend, hoorde dat vooruitkijken bij advent. Het is zaak een goed beeld van Jezus te hebben. Hij zei: op een dag kom Ik terug. En daar moet je op voorbereid zijn. Wie ga je ontmoeten? Wat was Hij voor man? De evangeliën vertellen, we leren Hem kennen als een Man Die je hart raakt: Toen Hij op een dag bij de tempel zag hoe mensen met het nodige theater royale giften schonken, wees Hij Zijn leerlingen op een armlastige weduwe die een dubbeltje in de offerkist liet vallen. Voor Hem woog dat dubbeltje zwaarder dan al de gouden tientjes van die anderen. Als Zijn vriend Lazarus is overleden, lopen Hem bij het graf de tranen over de wangen. De dood was voor Hem een vijand. Kom bij Jezus niet aan met softe verhalen over de dood die bij het leven hoort. Toen Hij werd uitgedaagd een op overspel betrapte vrouw te veroordelen, vroeg Hij haar aanklagers de eerste steen te werpen als zij zelf zonder zonde waren. Daar hadden ze niet op gerekend, dat was niet de bedoeling. Ze dropen af. Heeft niemand je veroordeeld? vroeg Jezus toen Hij met haar alleen overbleef. Nee, Heer, zei ze, niemand. Ook Ik veroordeel je niet, antwoordde Hij, ga en zondig niet weer. Mooi hè. Hij komt onder de huid.

Jezus is liefdevol en bewogen. Verwar dat niet met ‘lievig’. Hij wordt vaak lievig gemáákt: dan krijg je de Jezus Die zo in ons geïnteresseerd is, of de Jezus Die zo graag wil weten wat jij nu van Hem vindt. Jezus Die je begrijpt, en het met je eens is, met je meelijdt, Die je graag wat wil vragen. Díe Jezus kom ik in mijn Bijbel niet tegen. Hij steelt je hart, zonder meer. Maar er was niets lievigs aan Hem. Hij kon mensen slangen noemen, Hij veegde met een stuk touw het tempelplein schoon, toen Hij schoon genoeg had van de verkopers daar. En hoor hem: … wie mij verloochent bij de mensen, zal ook ik verloochenen bij mijn Vader in de hemel. Mattheüs 10: 33. Wie niet met mij is, is tegen mij. Mattheüs 12: 30.

Een evenwichtig beeld van Jezus is nodig als je Advent en Kerst wilt vieren. Want Wie komt, Wie verwacht je? Wat vier ik? Een evenwichtig beeld van Jezus is nodig om passend op Hem te kunnen REAGEREN. Reageren? MOET ik reageren? Wie zegt dat ik moet reageren op Jezus? Wel, je krijgt met Hem te maken, daar kan niemand om heen. Johannes de Doper brengt het glashelder onder woorden: ‘Wie in de Zoon gelooft heeft eeuwig leven, wie de Zoon niet wil gehoorzamen zal dat leven niet kennen; integendeel, Gods toorn blijft op hem rusten.” Om Jezus , de Zoon van God, kun je niet heen. Het is kiezen of delen.

U kent ze wel, die borden langs de snelweg die je iets over God vertellen: vlakbij de afslag Rotterdam AlexanderPolder langs de A20, zag ik er één: God is liefde. Zo zijn er meer. Hier vlakbij, bij Zwolle, bij het knooppunt Hattemerbroek, staat er ook één, midden in het weiland. Je rijdt op de A28 en ineens lees je die woorden: ‘wie in de Zoon van God gelooft heeft eeuwig leven’. Hoe reageren we dan? Gewoon niet? Dat kan haast niet. Er flitst vast iets door ons heen: wat fijn, of: wat een onzin, of: daar heb je ze weer, die zieltjeswinners.
Jezus maakt altijd een reactie los. Hij dwingt tot kiezen. Hij zegt: of je vindt in Mij je redder, of je struikelt over Mij. Uiteindelijk sta je voor de keus: accepteer ik Hem als Degene Die mij redt van de schuld die ik door mijn zonden op me laad, of doe ik dat niet? Zonden? Bederf het nou niet, haal dat versleten woord er niet bij. Vertel over Jezus, maar zwijg over zonde. Dat kan niet. En waarom zouden we ook? Wie zou willen ontkennen dat wij mensen tot de meest prachtige en liefdevolle daden in staat zijn? Net zo min heeft het zin de andere kant van ons verzwegen te laten. Zonde is overal. Zonde is waar zinloze graven zich tot aan de horizon uitstrekken, zonde is waar ik lieg om bestwil, waar ik met mijn ellebogen werk, waar wordt geroddeld, gevloekt, partners elkaar pijn doen, kinderen kinderen van de rekening worden. Dat is zonde. God verdraagt de zonde niet. Hij accepteert niet dat wij krassen maken in elkaars ziel en in Zijn Vaderhart. God rekent ons als verantwoordelijke mensen op zulk gedrag af.

Tenzij we zeggen: Jezus Christus wilt U tussen Uw Vader en mij in gaan staan? Wilt u voor mij de klappen opvangen? Dan zegt Hij meteen: Dat heb Ik al gedaan. Meteen…Jah… dáár ligt Zijn hart. Dát is waar Hij op uit is. Dat merk je tot op de laatste bladzijde van de Bijbel. O ja, ook daar kom je weer scherpe, bepaald niet lievige woorden tegen: voeg iets aan dit Boek toe, en je krijgt de plagen erin beschreven toegevoegd. Oei…Ja, oei… maar staar je daar niet blind op. Blijf kijken en je ziet in die laatste verzen van de Bijbel, dat veroordelen Gods hart niet heeft. Hij doet het waar het op zijn plaats is, en wie kan dat beter beoordelen dan Hij, onze Schepper? Maar Zijn hart gaat uit naar vrijspreken. Vrijspreken voor niets, nou ja, voor niets: Zijn Zoon betaalde. En dus lees je: Laat wie dorst heeft komen; laat wie dat wil vrij drinken van het water dat leven geeft. Deze toon tref je heel de Bijbel door. Het is de grondtoon. Toen het nog in geen eeuwen Kerst zou worden, moest een profeet, Ezechiël, namens God al zeggen: ‘de dood van een slecht mens geeft mij geen vreugde. Ik wil dat hij een andere weg inslaat en in leven blijft. (Ezechiël 33:11). Prachtig hè! God is uit op ons behoud. En Jezus Christus is Zijn sleutel. Wie in de Zoon gelooft heeft eeuwig leven. Het is december, het is donker. De tweede adventsweek is begonnen. We kijken uit naar Kerst. Kerst dat niet staat voor een gebeurtenis uit de voltooid verleden tijd van 2000 jaar geleden, maar dat de deur opende naar een stralende toekomst. Verwacht u mee?


Gedicht van Okke Jager
Kom haastig, Here Jezus, bidt de predikant.
Ja, amen, zegt een boer, wil spoedig komen, maar na de oogst, want van mijn nieuw stuk land, heb ik nog nooit de opbrengt waargenomen.
Ja, amen, zegt een mevrouw, maar mag ik voor de bontjas die ik gisteren zag hangen eerst sparen en hem aandoen als het koor een avond geeft in christelijke belangen?
Ja, amen, zegt het kind, maar nu nog niet. Ik moet nog met vakantie naar de bossen. Maar ik zal zwaaien zodat U het ziet als U ons onder schooltijd komt verrassen.
Kom haastig, Here Jezus, bidt de predikant, maar mag ik eerst de nieuwe lezing lezen die ik gemaakt heb voor het jeugdverband over: Gij zult het wel verstaan na dezen?
De beden komen in de hemel aan. De cherubijnen zwijgen, die ze brachten.
En Jezus vraagt: kan Ik vandaag al gaan? Zijn Vader zucht: Ge moet nog even wachten.

Gebed
Jezus Christus, onze Heer, dank U wel dat wij Uw verhaal mogen kennen. Dat we mogen geloven, dat te midden van mythen en legenden waar de wereld vol van is, de Bijbel de waarheid over U verwoord. Na tweeduizend jaar is het verhaal over U niet verbleekt. Dank U wel dat U, Zoon van God, mens wilde worden, net als wij. Wij zijn blij dat U mens bleef, maar wij verzaakten. We zijn dankbaar dat U een Heer van schone leien bent. Dat U maar wat graag een streep door onze schulden haalt. Help ons Uw portret in de Bijbel recht te doen. Laat ons hart zich mogen ophalen aan wie U was en wat U deed. Dat ons hart zich ook laat opscherpen door Uw waarschuwingen. Laat bovenal ons hart zich mogen verheugen over wat U in het vooruitzicht stelt: een wereld van vrede waarin kerst en advent voorgoed zijn ingehaald en waarin de mens een mens zal zijn. Here Jezus, help ons U recht te doen. Bewaar ons voor onevenwichtigheid in ons spreken en denken over U. Als U vertelt dat U oordeelt, dan oordeelt U. Als U erbij zegt dat Uw hart naar vrijspreken uitgaat, dan is dat zo. Vergeef ons, wie we ook zijn en waar we ons ook bevinden. U kent ons zoveel beter dan wij elkaar. Blij en vrij geloof in Uw naam, Here Jezus, Amen.

reageerReageer op deze uitzending



terug


omhoog