Liturgie
Welkom
Votum en groet
Samenzang: Gezang 171: 1, 2 en 3 (GK)
Gebed
Bijbellezing: Psalm 62 vers 1-13
Samenzang: Gezang 163: 1, 2 en 3 (GK)
Preek over Psalm 62 vers 6a
Samenzang: Psalm 62: 1, 3 en 4 (GK)
Apostolische Geloofsbelijdenis
Samenzang: Psalm 108: 1
Voorbedegebed
Samenzang: Gezang 456: 1 en 2 (LvdK)
Zegen
Samenzang: Gezang 456: 3 (LdvK)
Preek
Luisteraar, gemeente van onze Here Jezus Christus,
Veel mensen gaan in deze tijd op vakantie. Zo’n vakantiereis vraagt om allerlei voorbereidingen. Dat begint al vroeg: je denkt na over je bestemming. Je zorgt voor een goede reisgids en goede informatie over de plek waar je naar toe wilt. Je stippelt de route uit. Vaak gaat de reis naar een plek waar rust en ruimte is. Want veel mensen zoeken in hun vakantie rust.
Ik denk aan die man die druk bezig is de caravan in te pakken. Zijn buurman komt voorbij. “Zo buurman, op vakantie?” ‘Inderdaad’, zegt hij, ‘heerlijk een paar weken er tussenuit. Ik ben er ook wel aan toe. Het is de laatste tijd erg druk op mijn werk, ik ben blij dat ik nu wat afstand kan nemen. Even tot rust komen. Heerlijk, ik heb er echt zin in’.
‘Wel een gedoe hé, voor je eens weg bent’. ‘Ja inderdaad, maar ik heb geen zin in problemen onderweg. Ik heb de caravan goed na laten kijken. Alles is goed voor elkaar. We nemen ook van alles mee. Ook allerlei levensmiddelen. Dat vind ik prettig. Ik ga graag goed uitgerust op reis. Dat geeft wel zo’n rustig gevoel’. Gelijk heb je, je wilt je vakantie natuurlijk zo plezierig mogelijk maken. Goede vakantie gewenst!
Die buurman zoekt rust in zijn vakantie. Daarom gaat hij goed uitgerust op reis. Maar wie garandeert hem dat alles goed zal gaan? Hij heeft niet alles in de hand. Onderweg kan hij ziek worden bijvoorbeeld. Of een ander hem aanrijden. Dan kan hij goed uitgerust op reis zijn gegaan, maar dan heeft hij niet zoveel aan een goed onderhouden caravan. Hij heeft geen garantie dat de reis naar zijn bestemming rustig zal verlopen.
Ook als hij op zijn bestemming is aangekomen kan er van alles gebeuren dat de rust verstoort. De bagage kan gestolen worden. Hij kan zijn been breken. Er kan onrust in hemzelf zitten. Bovendien: als hij eenmaal terug is van vakantie begint de drukte van alledag weer.
Dan is het weer gedaan met de rust.
Die buurman gaat goed uitgerust op reis. Hij zoekt rust en ruimte, maar hij heeft niet de garantie dat hij die rust echt zal vinden.
Luisteraar, gemeente, uw leven kunt u vergelijken met zo’n vakantiereis. U wilt dat uw levensreis goed en rustig verloopt. Voor veel mensen is het reisdoel: rust. Ze doen er alles aan dat doel te bereiken. En proberen onaangename verrassingen te voorkomen. Je levensreis wil je ook graag goed uitgerust maken.
Er zijn momenten waarop je die rust hebt. Dan geniet je volop van de mooie dingen van het leven. Maar je levensreis kan ook door een diep dal gaan. Of over een weg waar je als een berg tegen de dingen op ziet. Wat kan er veel gebeuren dat je levensreis ruw verstoort. En onrust brengt.
Denk aan het verhaal van die jonge moeder die helemaal in paniek is. Ze heeft te horen gekregen dat haar man ernstig ziek is. Hij is nog maar 36 jaar. Ze hebben twee kinderen: die ene is 5 en de andere is 3 jaar. De arts zei dat er weinig mogelijkheden zijn om de ziekte te behandelen. Radeloos doet de vrouw haar verhaal. Wat voor vreselijk lijden staat mijn man te wachten? Hoe moet ik nu verder? Hoe kan ik dit aan? Hoe moet het met onze kinderen? Hoe vind ik hierin ooit rust? De ene gedachte buitelt over de andere heen. Haar levensreis gaat door een diep dal van onrust.
Zo zijn er veel dingen die je op je levensreis onrustig kunnen maken. Ik denk aan de luisteraar die aan het graf stond en haar man moest begraven. Ik denk aan dat meisje dat zo worstelt met haar psychische ziekte. Al jarenlang voelt ze een diepe innerlijke onrust. Ik denk aan die jongen die dat met zich meebrengt. Ik denk aan die man die zich grote zorgen maakt omdat zijn baan op de tocht staat. Als ik word ontslagen, wat dan? Het blijft maar door je hoofd spoken. Het maakt je onrustig.
Wat kun je dan verlangen naar rust. Op allerlei manieren proberen mensen dan ook rust te zoeken. Voor de één betekent dat: ontspanning zoeken in je hobby: sporten bijvoorbeeld of gamen achter je computer. Voor weer een ander: een goed gesprek voeren.
Voor nog een ander onderuitgezakt op de bank zitten, lekker niksen voor de TV. Nog een anders zoekt het in leuke dingen doen of op vakantie gaan. Dan denk je tenminste even ergens anders aan.
Maar dat helpt vaak maar even. Na je ontspanning moet je weer aan het werk en zit je weer volop in de drukte. Voor je het weet loopt je hoofd weer vol met van alles en nog wat.
Verder zijn er allerlei dingen die zomaar gebeuren. Waar je niks aan kunt doen: dat ongeluk, die ziekte. Bovendien kan er onrust in jezelf zitten. Dan kan je de rust zoeken waar je wilt. Maar je neemt altijd jezelf mee en daarmee de onrust in je.
Het is net als met die vakantiereis: je kunt nog zo je best doen om goed uitgerust op vakantie te gaan en rust te zoeken. Maar er zijn toch allerlei factoren die de rust verstoren. Waar vind je dan rust?
Luisteraar, gemeente, waar vind ik rust? Dat is een vraag die veel mensen stellen. In Psalm 62 zegt David: zoek rust bij God. Je gaat goed uitgerust op reis als je met God gaat. Davids levensreis gaat door een diep dal. Zijn tegenstanders vallen hem aan en bedreigen hem met de dood. Hij dreigt onderuit te gaan (vs. 4). David leeft in een sfeer van leugen en bedrog. Mensen om hem heen praten mooi. Ze wensen hem het goede toe, maar menen er niks van. Integendeel: in hun hart verbergt zich een vloek (vs. 5). Ze willen hem weg hebben uit zijn hoge positie. Daarbij liegen ze dat het gedrukt staat. Ze hebben zelfs plezier in hun leugens (vs. 5.). In zo’n sfeer leeft David. Wat gaat zijn reis door een diep dal.
Wat een onrust en machteloosheid brengt dat met zich mee!
Hoe komt David dan tot rust? Doordat hij zich richt op God. Zoek rust mijn ziel bij God alleen… David zegt: HERE, ik kan hier niet tegenop. Ik red dit niet. Dit maakt me onrustig. Ik keer mij tot U, stel mijn vertrouwen op U. Van U blijf ik alles verwachten.
David kijkt van zichzelf af en richt zich op God. Alleen God kan helpen en rust geven. David vertrouwt erop dat hij bij God tot rust kan komen. Dat blijkt uit hoe hij over God spreekt. Hij noemt God: mijn rots, mijn redding, mijn burcht, mijn schuilplaats.
Een rots staat muurvast. Als je daar opstaat, sta je stevig. Als God je rots is, betekent dat, dat Hij je vaste grond onder de voeten geeft. Houvast. Hij wijkt nergens voor. Hij staat overal boven. Dat David God een schuilplaats en burcht noemt, spits dat nog verder toe: in onrust en gevaar kun je naar Hem toe vluchten. Bij Hem ben je veilig en geborgen.
Echt geborgen. Wat God is mijn machtige rots, zegt David. Hij kent God als de Almachtige. De God die alles gemaakt heeft. De God van wie Jesaja zegt: voor God zijn volken als een druppel aan een emmer en een stofje op de weegschaal. Zo machtig is Hij! Als deze God je schuilplaats is, wat kan je dan gebeuren? Dan ben je veilig. Geborgen. In alle onrust op je levenreis biedt Hij een vast ankerpunt van rust. Wat ben je goed af als Hij je schuilplaats is…
Is je levenreis dan een rustige tocht geworden? Nee, David zit ook nog midden in de moeite. Maar hij weet wel: ik sta er nooit alleen voor. Er is een machtige God die bij me is.
Hij geeft me houvast en geborgenheid.
Vergelijk het maar met een vader en kind. Als een kind tijdens onweer bang is, kruipt het tegen vader aan. Daar voelt het zich veilig. Ook al onweert het nog even hard. Toch voelt het zich veilig: want vader beschermt hem. Zo vlucht David in alle onrust naar God toe.
Dat geeft rust in alle onrust….
Maar God zegt tijdens je levenreis niet alleen: als het onrustig is, kom dan maar bij Mij. Ik geef je geborgenheid en rust. Hij zegt ook: Ik ga verder met je op levensreis. Ik zorg ervoor dat er is alle onrust die je ervaart uitzicht is. Ik garandeer je dat je het doel van je levensreis bereikt: een rust die nooit weer verstoord zal worden.
David noemt God ook ‘mijn redding’. Dat betekent dat God redt van alle moeite en onrust. Hij maakt alles heel. Hoe dan? Nou niet door altijd direct alles op te lossen. Maar wel door de diepste oorzaak van alle moeite en onrust weg te nemen. Die oorzaak is de zonde. Dat is dat we tegen God in opstand komen en Hem niet in liefde eren. Daardoor is er zoveel gebrokenheid en onrust in je leven.
Nu zegt David: God, u bent mijn redding. Wat God verlost van zonde. Daarmee neemt Hij de oorzaak van alle onrust en moeite weg. Daarmee kijkt David al ver vooruit. Want God doet dit uiteindelijk door zijn Zoon Jezus Christus. Hij kwam naar deze wereld om te sterven voor uw zonden en u ervan te bevrijden. Dat heeft Hem veel gekost. Wat een onrust moest Hij verdragen. De mensen keerden zich tegen Hem en moesten Hem niet. Hij is door God en mensen verlaten, opdat u nooit meer door God verlaten zou worden.
Hij wil dat doen. Want Hij wil dat u uitgerust op reis kunt zijn. Door het geloof in Hem is er vergeving van zonden. Daarom kan David God mijn redding noemen. Hij weer: God zal mij redden uit mijn onrust en machteloosheid. Al zit ik nu nog midden in de moeite, toch heb ik hoop en uitzicht. Ik weet het: het komt goed. Wat de oorzaak van alle moeite en onrust is weggenomen. Zo zoekt en vindt David in alle onrust, rust bij God.
Gemeente, luisteraar, u bent nog bezig met uw levensreis, Die reis kan door diepe dalen gaan. Net als David mag u zich dan richten op God en uw rust bij Hem zoeken. Want God is nog steeds dezelfde. Hij is nog steeds een machtige rots en burcht en een schuilplaats. U bent in alle onrust veilig bij hem. Als een kind bij zijn vader.
Dat betekent niet dat je levensreis niet meer door een diep dal kan gaan. Het betekent ook niet da alle onrust nu al uit je leven verdwijnt. Het betekent wel dat je je levensreis maakt in het vertrouwen: er is een weg omhoog uit dit diepe dal. De moeite en de onrust zijn tijdelijk. Want de oorzaak is al weggenomen. Er is altijd hoop en uitzicht.
Vergelijk het maar met een boom die omgezaagd is. Uit zo’n boom kunnen nog wel frisse groene loten tevoorschijn komen. Maar ze zijn van de wortel afgesneden en zullen vroeg of laar verdorren. Zo kan voor je gevoel de onrust volop bloeien in je leven. Maar het zal een keer ophouden want de wortel is er net uit weggehaald. God brengt uiteindelijk volkomen rust.
God is vandaag ook uw redding. Dat heeft Hij heel duidelijk laten zijn door Zijn Zoon naar deze wereld te zenden. Hij verlost u van de oorzaak van alle ellende: de zonde. Dan kan de onrust sterk zijn in je leven. Je levensreis kan door een diep dal gaan. Maar de bestemming ligt vast: er komt een nieuwe hemel en aarde waar alles gaaf is. Een wereld zonder onrust.
Daar gaat uw levensreis naar toe. Op de weg ernaartoe staat u er nooit alleen voor. Integendeel. U mag geloven: God is voor mij. Wie kan dan nog tegen mij zijn. Als Hij zijn Zoon voor mij heeft gegeven, zal Hij mij verder ook alles geven wat ik nodig heb. De levensreis kan onrustig zijn. Maar ik zal nooit verongelukken. God brengt mij bij Hem thuis. In volmaakte rust.
Ga dan uitgerust op reis. Dat kan. Want God geeft u voor uw levensreis de uitrusting van zijn Woord en het gebed. Zijn Woord is een gids voor uw reis. Het wijst u steeds weer de goede koers en houdt uw blik gericht op de bestemming. In uw gebed mag u steeds uw hart voor de HERE uitstorten. Bij Hem bent u veilig. Biddend ga je je reis aan de hand van God. Dan ga je met de beste Reisleider die er is goed uitgerust op reis. Je legt in vertrouwen het roer van je leven in zijn hand.
Dan zullen er net als bij je vakantiereis dingen gebeuren waar je geen grip op hebt. Of de onrust in je zal zich van tijd tot tijd nog laten voelen. Maar als je op reis gaat met de uitrusting die God je geeft weet je: onderweg ben ik veilig. En ik bereik mijn bestemming.
Dat geeft rust. Ik ga uitgerust op reis naar echte rust. En ik bereik mijn bestemming. Dat geeft rust. Ik ga uigerust op reis naar echte rust. Wat God belooft me geen kalme reis, maar een behouden aankomst…. Amen.
Reageer op deze uitzending