Zendtijd voor Kerken


bestellenstreepje contactstreepje www.calvijnherdenking.nlstreepje overige uitzendingenstreepje  vergrotenlettergrootte klein lettergrootte normaal lettergrootte Groot
20090322ra-Mudde220x218.jpg
22 maart 2009, 17.02 uur radio 5

Het weinige dat we weten is meer dan genoeg.

Kerkdienst van de Nederlands Gereformeerde Kerk in Haarlem.

Ds. Jan Mudde
http://www.wilhelminakerk.nl

beluister
bestel informatie
reageren?

Podcast. Hier kunt u radioprogramma's downloaden voor het beluisteren op uw computer of mp3speler RSS(XML)



Orde van dienst:
Orgelspel
Verwelkoming
Samenzang: Psalm 84 : 1
Votum en groet
Samenzang: Opwekking 558:
‘Wij zijn als adem, U was er altijd,
Heer van de eeuwen, God van de tijd.’
Gebed om een gezegend samenzijn
Kinderlied: Evangelische Liedbundel 433: God die alles maakte
Schriftlezingen: 1 Korintiërs 13 : 8 – 13
Johannes 14 : 1 – 9
Samenzang: Gezang 75 : 7 en 9
Preek over 1 Korintiërs 13 : 7 – 12
Octet: Turn your eyes upon Jesus
Dankzegging en voorbeden
Samenzang: Opwekking 640:
Zegen

Gebed voor de opening van Gods Woord
Here God, als wij mensen aan het strand van de zee staan beseffen we hoe klein we zijn.
Nog weer kleiner voelen we ons, als we ons bewust worden van de eindeloze zee van ruimte die ons planeetje omringt. Of als we denken aan de zee van tijd in welke wij minder dan een druppel zijn. Maar Heer van de eeuwen, God van de tijd, als we aan Ú denken, worden we pas goed onze nietigheid bewust. U bent de eerste en de laatste, het begin en het einde, de alfa en de omega, en Uw elk begrip te bovengaande grootheid maakt dat we niet anders dan voor U knielen kunnen.
HERE God, wat een onbegrijpelijk wonder is het dan, dat U, de Eeuwige, de Allesomvattende ons ontmoeten wilt, ieder van ons persoonlijk ontmoeten wilt. U bent geen in Uzelf gekeerde God, maar hebt het leven geschapen en het licht, de lucht en de liefde. U bent de Vader van Jezus Christus. Wij mogen U kennen. Meer nog, U wilt onze Vader zijn en wij mogen ons uw kinderen weten! We danken, loven en aanbidden U. U wilt ons opzoeken, aanspreken en op vertrouwelijke voet met ons omgaan! En dit uur wilt U daartoe gebruiken, voor ons hier in de kerk, voor wie meeluisteren thuis bij de radio of via internet. En nu we samenzijn om U te ontmoeten en Uw Woord te openen, vragen we U: Maak ons gereed om U te ontmoeten. Heilig ons door het bloed van Uw Zoon Jezus Christus, neem ons in bezit door Uw heilige Geest en help ons Uw Woord te begrijpen, help ons het tot ons te nemen.
HERE God, U weet in welke omstandigheden een ieder van ons zich bevindt en wat een ieder van ons nodig heeft. Wilt U een ieder geven wat Hij of zij nodig heeft om te geloven, te hopen en lief te hebben. Dit vragen we U in Jezus’ naam, amen.

Inleiding op Schriftlezingen
Geliefde gemeente, luisteraars,
Eén van de bekendste en meeste geliefde geestelijke liederen is geschreven door Jacqueline van der Waals: ‘Wat de toekomst brengen moge, mij geleid des HEREN hand.’ Het is een lied waarin een kwetsbaar mens zich volkomen toevertrouwt aan God. Toch, met één zin uit dit lied heb ik altijd wat moeite: ‘Leer mij volgen … zonder vragen’. Zelf maak ik er altijd van: ‘Leer mijn volgen … ondanks vragen.’ Want ‘volgen, zonder vragen’, moet dat? Kan dat? Ik denk het niet. Ieder mens heeft vragen, u, jij misschien ook wel.
‘HERE God, U heeft ons geschapen. Maar U, hoe en wanneer bent U zelf ontstaan?’ ‘O, U was er altijd al? … Maar God, die gedachte maakt me daas. Ik krijg er hoofdpijn van!’
En: ‘God, U bent volmaakt en goed. Hoe dan kon U een wereld scheppen die tot zo’n een diepe duisternis is vervallen als de onze?’
En: ‘God, waarom eigenlijk bent U aan het ‘project mens’ begonnen? U wist toch dat het mis zou lopen in de hof? En van de zee van geweld en tranen die daarop volgen zou?’ “’ En al dat lijden in deze wereld, van kleine kinderen en onschuldige mensen, God, waarom laat U dat gebeuren en voorkomt U dat niet?’
Wurgvragen noemen ik vragen als deze wel, omdat ze je geloof in God kunnen verstikken. Of ze spelen ergens op de achtergrond en knagen daar aan je onbevangen Godsvertrouwen. Er zijn zelfs mensen die vanwege zulke vragen niet kunnen geloven. Herkent, u, herken je dat?

Vanmiddag willen we luisteren naar een bijbelgedeelte dat mij heeft geholpen bij de omgang met deze vragen. Het zijn enkele verzen uit 1 Korintiërs 13, Paulus’ magistrale lofzang op de liefde. Daaruit maak ik op dat het weinige dat we weten, meer dan genoeg is.
Petra Kossen-van Riessen zal dit Bijbelgedeelte voor ons lezen. Ook leest zij enkele verzen uit Johannes 14 en daarna zingen we Gezang 75 vers 7 en 9:
‘U kennen, uit en tot U leven,
Verborgene die bij ons zijt,
zolang ons 't aanzijn is gegeven,
de aarde en de aardse tijd,
o Christus, die voor ons begin
en einde zijt, der wereld zin!’

1 Korintiërs 13 : 8 – 13 en Johannes 14 : 1 – 9
De liefde zal nooit vergaan. Profetieën zullen verdwijnen, klanktaal zal verstommen, kennis verloren gaan – want ons kennen schiet tekort en ons profeteren is beperkt. Wanneer het volmaakte komt zal wat beperkt is verdwijnen. Toen ik nog een kind was sprak ik als een kind, dacht ik als een kind, redeneerde ik als een kind. Nu ik volwassen ben heb ik al het kinderlijke achter me gelaten. Nu kijken we nog in een wazige spiegel, maar straks staan we oog in oog. Nu is mijn kennen nog beperkt, maar straks zal ik volledig kennen, zoals ik zelf gekend ben. Ons resten geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de grootste daarvan is de liefde.

Wees niet ongerust, maar vertrouw op God en op mij. In het huis van mijn Vader zijn veel kamers; zou ik anders gezegd hebben dat ik een plaats voor jullie gereed zal maken? Wanneer ik een plaats voor jullie gereedgemaakt heb, kom ik terug. Dan zal ik jullie met me meenemen, en dan zullen jullie zijn waar ik ben. Jullie kennen de weg naar waar ik heen ga.’ Toen zei Tomas: ‘Wij weten niet eens waar u naartoe gaat, Heer, hoe zouden we dan de weg daarheen kunnen weten?’ Jezus zei: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand kan bij de Vader komen dan door mij. Als jullie mij kennen zullen jullie ook mijn Vader kennen, en vanaf nu kennen jullie hem, want jullie hebben hem zelf gezien.’ Daarop zei Filippus: ‘Laat ons de Vader zien, Heer, meer verlangen we niet.’ Jezus zei: ‘Ik ben nu al zo lang bij jullie, en nog ken je me niet, Filippus? Wie mij gezien heeft, heeft de Vader gezien.

Preek
Geliefde gemeente, geachte luisteraars, vanmiddag wil ik met u en jou nadenken over het thema "Het weinige dat we weten is meer dan genoeg".
1 Korintiërs 13, Paulus’ lied over de liefde is één van de allerbekendste gedeelten uit de Bijbel. Zo stond ik eens in een overvolle trein met pal naast me een dolverliefd stel. Het fluisterde elkaar de liefste dingen toe en ik kon er geen woord van missen, … zo ik dat gewild zou hebben. Op een gegeven moment zei hij amechtig: ‘Ik zal altijd van je houden.’ Haar enigszins ontnuchterende reactie was: ‘Kun je dat zo wel zeggen …?’ ‘Misschien niet’, zei hij, ‘maar wel: ik gelóóf wel dat ik altijd van je zal houden! En: ik hóóp dat ik altijd van je zal houden.’ Toen was zij even stil en zei: ‘Mooi, geloof, hoop en liefde … staat dat niet in de Bijbel?’ Op dat moment had ik natuurlijk kunnen zeggen: ‘Je het kunt vinden in 1 Korintiërs 13 vers 13’, maar dat leek me niet zo romantisch, dus ik hield mijn mond.

Geloof, hoop en liefde, maar de meeste van deze, de grootste van deze is de liefde. Het zijn heel bekende woorden. Minder bekend, maar bepaald niet minder belangrijk, is hetgeen hieraan vooraf gaat. Paulus legt daarin aan de Korintische christenen uit wáárom de liefde het meeste van alles is. Waarom moeten zij (en wij!) de liefde nastreven, meer dan al het andere? Waarom is het belangrijker dat je lief hebt, dan dat je een geestelijk hoogbegaafd en getalenteerd mens bent? En waarom is de liefde meer dan geloven en hopen?
Allereerst, zegt Paulus, omdat de liefde van eeuwige betekenis is en al het andere van slechts tijdelijke betekenis. Neem de geestelijke gaven die bij jullie in Korinte zo hoog staan aangeschreven: profetisch inzicht, het vermogen om in Geestestaal te spreken en kennis van God te hebben. (Tussen haakjes, in de gemeente te Korinte was het zo: hoe specialer je geestelijke gave was, des te hoger stond je op de ranglijst van de geziene christenen.) Maar, zegt Paulus, die gaven zijn toch betrekkelijk? Jullie hebben ze in Gods toekomst toch helemaal niet nodig? ‘Profetieën zullen verdwijnen, klanktaal zal verstommen, kennis verloren gaan.’ Een preek en profetisch inzicht zijn als de krukken waarvan iemand tijdens zijn revalidatie gebruik maakt; maar zodra alles goed is, zijn ze overbodig geworden en zet je ze weg in de hoek. Nu, dat geldt ook van de geestelijke gaven. Die heb je hier en nu nodig om Gods kerk te bouwen. Maar sta je eenmaal oog in oog met God, dan heb je daaraan helemaal niets meer, maar aan de liefde heb je dan des te meer! Want de liefde zal dan het één en al zijn! Als een eeuwig bruisende fontein zal de liefde zijn. De liefde tussen God en mens, tussen Christus en zijn gemeente, tussen God de Vader en zijn kinderen. En daarom, beste Korintiërs, zegt Paulus, en via hen bereiken zijn woorden ook ons, moeten jullie boven alles bidden om en streven naar de liefde. De Geestesgaven zijn er voor een tijd, de liefde is er voor de eeuwigheid!
Maar dan komen we bij Paulus’ tweede argument waarom de Korinitiërs zich meer op de liefde dan op die bijzondere geestelijke gaven hebben te richten. Die geestelijke gaven namelijk zijn beperkt en vertonen tekortkomingen. ‘Ons kennen schiet tekort en ons profeteren is beperkt’, schrijft Paulus. Woorden die ook wel zo vertaald worden: ‘Stukwerk is ons kennen en stukwerk ons profeteren.’ Hetgeen betekent dat al onze kennis van God incompleet is, uit stukken en brokken bestaat. ’t Is als met een puzzel die nog niet af is. Hier en daar liggen stukjes aan elkaar, maar waar de overige stukjes gelegd moeten worden en hoe alles precies aan elkaar past, weet je nog niet. En zo is het ook met onze kennis van God. Pas als wij oog in oog met God staan, vallen alle stukjes op hun plek.

Onvolkomen is ons kennen.
Weten jullie, zegt Paulus, waarmee ons huidige kennen van God vergelijkbaar is? Met het kennen van een kind, een kleuter. Herinneren jullie je nog hoe je als kleuter dacht en hoe je je de wereld voorstelde? ’s Avonds lag je op bed en dan zat je er echt mee: Als de aarde rond is, hoe kan het dan dat de mensen aan de andere kant er niet afvallen? Ze konden je ook van alles wijs maken. Dat de baby’tjes door de ooievaar gebracht worden bijvoorbeeld. Wie volwassen is, weet beter en kijkt vertederd terug op zijn kinderlijke fantasietjes. Weet je, zegt Paulus, dat wij in Gods grote toekomst net zo vertederd zullen terugkijken op wat wij nu allemaal van God en deze wereld denken en zeggen! Wij stellen ons God nu voor op een manier waarvan we later zeggen: wat heerlijk kinderlijk, wat ongelooflijk naïef, wat onbeholpen was dat!
In vers 12, broers en zussen, jongens en meisjes, luisteraars, gebruikt Paulus nog weer een ander beeld om zijn punt duidelijk te maken. ‘Nu kijken we nog in een wazige spiegel, maar straks staan we oog in oog.’ Wat kenmerkt het kijken door een spiegel? Om te beginnen zie je in een spiegel niet het geheel van de werkelijkheid, maar slechts een deel daarvan. Je ziet alleen een deel van je lichaam, of een stukje van de kamer. Dat we ook God als door een spiegel zien betekent dus dat wij momenteel geen compleet beeld van Hem hebben. Verre daarvan zelfs. En wat we van Hem zien, zien we indirect. In een spiegel zie je immers niet de werkelijkheid zelf, maar een afbeelding daarvan. Waarbij we ook nog bedenken moeten dat de spiegels uit de oudheid niet van glas met daarachter een reflecterende stof waren, maar van brons, of van ijzer. Je spiegelbeeld was dus niet altijd duidelijk en vertoonde vertekeningen. Broers en zussen, jongens en meisjes, zo staat het er dus ook met onze kennis van God voor. Die kennis is incompleet, indirect en vanwege ons gebrek aan bevattingsvermogen nog vertekend ook.
Tja, dat had je misschien niet van Paulus gedacht hé? Paulus – waar hij het aan te danken heeft weet ik niet – staat bij velen immers bekend als de kampioen van allen die menen God in hun broekzak te hebben. Niet dus. ‘Ons kennen schiet tekort en ons profeteren is beperkt’, zegt Paulus. Geen mens kent God nu al zoals Hij is. Me dunkt, dat is een heel goede reden om als klein mens nooit over God te spreken alsof er geen raadsels en geheimen zijn en jij de waarheid over Hem in pacht hebt.

Maar geliefde gemeente, luisteraars, wat betekent dit nu voor de omgang met die wurgvragen waarover ik het had? Ik noemde er een paar. God, hoe moet ik het me voorstellen, dat U van eeuwigheid tot eeuwigheid bent? En hoe kan het, dat U enerzijds het hele heelal omvat, anderzijds mij en zeven miljard andere mensen persoonlijk kent? Mogelijk heeft u, heb jij weer andere vragen die knagen aan je geloofszekerheid en je Godsvertrouwen ondermijnen.
Luisteraars, gemeente, ik geloof dat hetgeen Paulus over de beperkingen van ons kennen zegt, van grote betekenis is voor de omgang met dergelijke vragen. Als één ding daaruit duidelijk wordt, is het dat wij op deze aardse nooit een sluitend antwoord op al die vragen zullen krijgen. Zolang wij geen oogcontact met God hebben, kijken wij in een wazige spiegel en staan wij geestelijk gesproken in de kinderschoenen. Een heleboel begrijpen we niet en kunnen we niet begrijpen. Dat zouden we wel willen. Het liefste zouden we het grote raadsel dat het leven is en dat God voor ons is helemaal willen oplossen, zoals een rekensom wordt opgelost. 2 + 9 = 11, ik noem maar wat. Maar dat lukt niet. Want de som is er één van het type 2 + 9 + c + d + e = 93. Geen mens kan dan ooit met zekerheid zeggen hoeveel c, d of e is. Het is een vergelijking met teveel onbekenden.
Paulus roept ergens uit: Hoe onuitputtelijk zijn Gods rijkdom, wijsheid en kennis, hoe ondoorgrondelijk zijn oordelen en hoe onbegrijpelijk zijn wegen. Ondoorgrondelijk, onbegrijpelijk. God gaat elk begrip te boven. Wij zingen van Gods eeuwigheid, maar beseffen in de verste verte niet wat ‘eeuwig’ inhoudt. Wij belijden Gods almacht, zonder ons daarvan ook maar een flauwe voorstelling te kunnen maken. Wij loven God om zijn liefde, zonder te peilen hoe groot is, hoe diep die gaat.
Broers en zussen, jongens en meisjes, luisteraars, zoals een kleuter niet bevatten kan dat de mensen aan de andere kant van de wereldbol er niet af vallen, zo kunnen wij God niet bevatten. Wij kunnen het eenvoudig niet, omdat God ons begrip te boven gaat.
Wat ik hiervan leer voor de omgang met die wurgvragen is dit: staar je er niet blind op, het is zinloos en helpt je geen steek verder. Je hebt het immers over dingen die je toch niet bevatten kunt? Laat je geloof er dus niet door verstikken. En beschouw die wurgvragen al helemaal niet als argumenten tegen het bestaan van God, zoals veel mensen doen. Maar ze lijken op diepzeevissen, die ontkennen dat boven het water vogels in het zonlicht vliegen, simpelweg, omdat ze zich daar geen voorstelling van kunnen maken. Als je dan toch twijfelt, twijfel dan niet aan God, maar aan je eigen bevattingsvermogen! Vertrouw je aan Hem toe, ondanks je vragen. Geef je gewoon over aan Hem die zoveel groter is dan jij bent, je Schepper, de eeuwige God.

Maar dominee, Jan, is het eigenlijk niet ontzettend gevaarlijk wat je nu zegt? Stukwerk is ons kennen, stukwerk ons profeteren. Hiermee versterk je toch alleen maar de twijfel en onzekerheid? Op stukwerk kun je toch niet bouwen? En als ons huidige denken en spreken over God zich beweegt op het denkniveau van een kleuter, wie geeft daar wat voor? Kun je dan over God maar niet beter helemaal je mond houden? Een kleuter immers laat je toch ook geen seksuele voorlichting geven?
Geliefde luisteraars, broers en zussen, stel je eens een puzzel voor, een legpuzzel. Hoe wordt die gelegd? De meesten van ons zullen allereerst de hoek- en kantstukjes opzoeken. Daarvan leg je het raamwerk. Dat raamwerk vormt een goed, sluitend geheel en je kunt er vrijwel 100% zeker van zijn dat het goed ligt. Maar is hiermee de legpuzzel af? Bij lange na niet. Je hebt – even afgedacht van de foto waarop je je oriënteert – zelfs nog niet het flauwste benul wat het worden zal. Maar van wat je hebt, de hoek- en kantstukjes die er liggen, ben je zeker.
Nu, zo is het ook met geloven. De kennis die wij van God hebben is inderdaad beperkt, ze is stukwerk. Maar de stukjes kennis die we hebben zijn de uiterst belangrijke hoek- en kantstukjes! Die zijn ons geopenbaard, door niemand minder dan God zelf, door Jezus Christus. Laat me er een paar noemen.
Het belangrijkste hoekstukje, noem het maar gerust een hoeksteen, is wat Jezus gezegd heeft. ‘Wie Mij heeft gezien, heeft de Vader gezien.’ Wil je God kennen? Wil je weten wie Hij is en waar Hij voor staat? Dan moet je bij Jezus zijn. ‘Wie Mij – Jezus – heeft gezien, heeft de Vader gezien.’ Kijken we Hem in de ogen, dan zien we God in de ogen. Luisteren we naar zijn stem, dan horen we hetgeen God zelf ons te zeggen heeft. Zijn genezende handen, zijn Gods helende handen. Via Jezus, kom je hier op aarde al heel dicht bij God. Niemand op aarde brengt je zo dichtbij! Daarom zegt Jezus ook (en dat is nog zo’n hoekstukje): ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand kan bij de Vader komen dan door Mij.’ Wil je tot God komen? Dan moet je bij Jezus zijn.
En hoe leer je God dan kennen, als je tot Jezus komt?
Als een God van de grootst denkbare liefde. Want bij Jezus draait het allemaal om de liefde. Hij gaf liefde, Hij predikte liefde, Hij was liefde.
De Bijbel zegt ergens: God is liefde. En hierin is Gods liefde ons geopenbaard: God heeft zijn enige Zoon in de wereld gezonden, opdat we door Hem zouden leven.
En ergens anders zegt de Bijbel: God had de wereld zo lief, dat Hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. Er is een God en Hij heeft deze aan zonde en dood, verderf en dwaasheid vervallen wereld zo lief, dat Hij Jezus daarin zond om ons daaruit te verlossen.

Geliefde luisteraars, broers en zussen, jongens en meisjes, het is waar, er zitten grote, zwarte gaten in onze kennis van God. Wij moeten leven met vragen, met vooralsnog onbeantwoorde en onbeantwoordbare vragen. Wij leven in geloof en niet in aanschouwen. Maar van de kennis die we dankzij de Here Jezus van God hebben, kunnen we heel zeker zijn. De hoek- en kantstukjes zijn ons gegeven. En dat is meer dan genoeg. Wat we weten, is meer dan genoeg. Je kunt er je hele leven, je hele toekomst op bouwen. Dus kom maar en vertrouw je ondanks je vragen toe aan God, de Vader van Jezus Christus, die jouw Vader, uw Vader wil zijn. Leef maar uit Hem, leef uit zijn liefde, leef zijn liefde ook uit en je proeft nu al een voorsmaak van hoe eens de toekomst zal zijn!
Halleluja, amen!

Dankzegging en voorbede
Here God, eeuwige God, U, over wie wij mensen alleen maar brabbelen kunnen als peuters, U willen we uit het diepst van ons hart danken, dat U zichzelf wilt laten kennen, hééft laten kennen. HERE God, het hele leven, het hele bestaan en U vooral zou voor ons één groot raadsel, een doolhof zijn, als U zichzelf niet aan ons geopenbaard zou hebben. Wij zouden niet weten waarvoor we op aarde zijn, we zouden – ons gevoel volgend – maar wat raak leven, als U zichzelf niet in Uw Zoon Jezus Christus had laten kennen. Dank, HERE God, dat we zeker mogen weten dat wie Hem heeft gezien, U heeft gezien, dat wie Hem kent, U in Uw diepste wezen, u in uw liefde kent. HERE God, heel hartelijk dank hiervoor. Nu heeft ons leven hoek- en kantstukjes, nu hebben we grond onder de voeten, een weg om te gaan, zijn een voorbeeld van liefde voor ogen, een toekomst die ons wacht. Wij loven en prijzen uw naam!
HERE God, U weet, desondanks is geloven niet altijd makkelijk. Wij mensen zijn uitpluizers, plussers en minners, tobbers en twijfelaars. Er zijn van die vragen die het geloof gewoonweg wurgen kunnen, zo beheersend kunnen ze zijn. En misschien zijn er nu in de kerk of voor de radio die dat herkennen, die ergens die diepe reserve en onzekerheid hebben waardoor er van een totale overgave en toewijding aan U geen sprake is. HERE, U kent ons, U weet hoe we er in steken en hoe we ons soms op onze vragen kunnen blindstaren. Wilt U ons dan in de ruimte zetten, wilt U ons helpen te volgen, ondanks vragen.

HERE God, we bidden U ook voor het land waarin we wonen en de mensen de we kennen. Velen in onze samenleving hebben weinig met U, nog minder met Jezus en al helemaal niets meer met de kerk. HERE God, wij bidden voor dit volk, dat door de eeuwen heen zijn eigen karakter kreeg, juist doordat U en uw Woord zo’n bijzonder stempel op ons zetten. Wij bidden, Heer, dat de weg tot U teruggevonden mag worden. Wil Uw kerk bewaren en helpen haar roeping in de samenleving te vervullen. Geef dat Uw kerk daadwerkelijk leeft uit Uw liefde en die liefde ook uitleeft in deze wereld, HERE. Vul ons daartoe met de Geest van Uw Zoon.
Wij dragen onze koningin en wie haar lief zijn aan U op. Geef haar gezondheid en kracht en alles wat nodig is om de hoge roeping die zij heeft te vervullen. Wil in deze tijd van economische crisis ook met onze regering zijn en die moed en wijsheid geven bij al die belangrijke en ingrijpende besluiten die genomen moeten worden. Wil zijn met politie en justitie en allen die in onze samenleving recht en gerechtigheid handhaven. Wees HERE, ook met de jongeren in deze wereld, die nog hun weg moeten vinden en die elke dag gebombardeerd worden met de dwaasheid van programmamakers en gore magazines. Help hen hun weg met U te vinden. Wil in het bijzonder zijn met de kwetsbaren in onze samenleving, degenen die ziek zijn of in psychische nood verkeren, degenen die een handicap hebben, van welke aard dan ook. Wees hen nabij, maar ook degenen die een zorgtaak hebben of als mantelzorger functioneren.
Wilt u wereldwijd werkzaam zijn door mensen die bruggen van liefde bouwen in deze wereld. Zegen al die mensen die offers brengen om hun naaste tot een zegen te zijn. Zegen allen die betrokken zijn bij ontwikkelingswerk of hulpverlening. Zegen allen die op welke wijze dan ook het beste voor hebben met deze wereld. HERE, wil boven alles gerechtigheid brengen in en wereld die bol staat van het onrecht en het machtsmisbruik. Wij bidden dat U zich blijft erbarmen over deze wereld, ondanks alle rottigheid, zinloos geweld, cynisme en materialisme. HERE, zie naar het kruis van uw Zoon en hoe Hij voor deze wereld leed. Erbarm U.
HERE Jezus, boven alles bidden wij om Uw komst en de komst van Uw heerschappij. Als U niet de heerschappij over deze wereld van ons overneemt, wordt het nooit iets. En daarom bidden wij
Onze Vader die in de hemelen zijt,
uw naam worde geheiligd;
uw Koninkrijk kome;
uw wil geschiede,
gelijk in de hemel alzo ook op de aarde.
Geef ons heden ons dagelijks brood;
en vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren;
en leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze.
Want van U is het Koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid, tot in de eeuwigheid. Amen

reageerReageer op deze uitzending



terug


omhoog