Zendtijd voor Kerken


bestellenstreepje contactstreepje www.calvijnherdenking.nlstreepje overige uitzendingenstreepje  vergrotenlettergrootte klein lettergrootte normaal lettergrootte Groot
16 januari 2005, 11.00 uur nederland 2



Samenkomst Evangelische gemeente in Lelystad

Dhr. B. Okma

bekijk
bestel informatie
reageren?

RSS(XML)

Liturgie en preek

ORDE VAN DIENST

Welkom en groet
Samenzang: 'Ik wil juichen voor U’ en 'Schijn met Uw licht’
Collecte t.b.v. Tanzania
Drama
Samenzang: 'Baden in Uw liefde’
Video: 'Mensen’
Schriftlezing: Marcus 12: 28 – 34
Verkondiging
Dans en zang 'Kom tot de Vader’
Gebed
Samenzang: 'Holy, holy’
Zegen

De liederen werden gezongen uit de Opwekkingsbundel.

Gebed

Vader in hemel, dank U wel voor Uw liefde. Het verbaast me nog zo vaak dat U, die God bent, van mensen houdt. Dat heeft U in het zenden van Uw Zoon Jezus Christus ook heel duidelijk laten zien. Wij zijn maar heel gewone mensen, maar U bent een heel bijzondere God. U bent een God, Die bij ons wilt zijn, in dit leven en door dit leven. Here, we willen dit samenzijn aan U opdragen en U bidden of U in ons midden wilt zijn. Laat ons merken, dat de liefde die U heeft betoond in Uw Zoon Jezus Christus, ook merkbaar bij ons mag zijn in ons zingen, preken en luisteren. Dat bidden wij in de Naam van Jezus. Here, we willen ook bidden voor de wereld om ons heen, in het bijzonder voor die enorme natuurramp in Azië. Dat raakt ons hart en houdt ons bezig. We bidden U of U bij al deze mensen daar wilt zijn. Wees bij mensen die direct getroffen zijn, die slachtoffer zijn. Wees ook bij hulpverleners en regeringen en help hen tegemoet te komen aan al die noden die er zijn. Laat het zo zijn dat deze ramp mensen mag verbinden met elkaar. We bidden of dwars door alle vragen heen en dwars door alle 'waaroms’ heen, duidelijk mag zijn dat ondanks al deze dingen een God bent, Die van mensen houdt. Heer, ontferm U zo. Dat bidden wij U in de Naam van Jezus. Amen.

Schriftlezing: Marcus 12: 28 – 34

Een van de schriftgeleerden die naar hen geluisterd had terwijl ze discussieerden, en gemerkt had dat hij hun correct had geantwoord, kwam dichterbij en vroeg: 'Wat is van alle geboden het belangrijkste gebod?’ Jezus antwoordde: 'Het voornaamste is: “Luister, Israël! De Heer, onze God, is de enige Heer; heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht.” Het op een na belangrijkste is dit: “Heb uw naaste lief als uzelf.” Er zijn geen geboden belangrijker dan deze.’ De schriftgeleerde zei tegen hem: 'Inderdaad, meester, wat u zegt is waar: hij alleen is God en er is geen andere God dan hij, en hem liefhebben met heel ons hart en met heel ons inzicht en met heel onze kracht, en onze naaste liefhebben als onszelf betekent veel meer dan alle brandoffers en andere offers.’ Jezus vond dat hij verstandig had geantwoord en zei tegen hem: 'U bent niet ver van het koninkrijk van God.’ En niemand durfde hem nog een vraag te stellen.

Thema van de preek: Hoe kan ik van mezelf leren houden?

Preek

Een schriftgeleerde komt bij Jezus en hij is onder de indruk van de rake antwoorden die Jezus geeft op heel moeilijke en ingewikkelde vragen. De antwoorden van Jezus prikkelen hem om ook zelf een vraag te stellen: Wat is het allerbelangrijkste gebod uit de wet? Hij krijgt een kernachtig antwoord: God, de Heer liefhebben boven alles en je naaste als jezelf. Uit de reactie van de bijbelgeleerde op dat antwoord van Jezus wordt duidelijk, dat deze man op de weg van God al heel ver is. Hij is niet ver meer van het Koninkrijk van God. Vandaag denken wij samen aan de hand van een vraag na over het tweede gedeelte van het tweede gebod: U moet uw naaste liefhebben als uzelf.

Zonder eigenliefde, kan er geen liefde tot de naaste bestaan. Het valt op, dat Jezus ervan uitgaat dat mensen van zichzelf houden zoals ze zijn. Blijkbaar was dat in die tijd gemakkelijker dan nu! Er waren weinig veranderingen; er waren ook hechte familiebanden en stevige overtuigingen. Blijkbaar had dit ook invloed op hoe mensen naar zichzelf keken.
Want dit, het houden van jezelf, is een grote worsteling voor veel mensen in deze moderne tijd. Voor jonge mensen in het bijzonder. Ik ben zelf vader van een aantal pubers en ik merk herhaaldelijk dat ze worstelen met zichzelf. Aan de buitenkant, maar ook aan de binnenkant..

Maar ook veel volwassenen worden geconfronteerd met identi­teits-problemen. Meldt u zich maar eens aan bij het Maatschappelijk werk of een RIAGG en u merkt het aan de wachttijden. Mensen komen er niet goed uit wie ze nu eigenlijk zijn. Wij leven in een tijd die veel eist. Onze buitenkant (onze oren en onze neus) is vaak belangrijker dan onze binnenkant. Maar eigenlijk willen we het zo heel graag andersom. Wij worden geconfonteerd met vragen als: Wie ben ik of wie ben ik niet? Wat kan ik en wat kan ik niet? Wie ben ik in mijn omgeving, mijn familie of mijn gezin? Ben ik werkelijk van waarde? Ik wil u meenemen naar drie punten die hierin van belang zijn: (1) Hoe kan ik van mezelf leren houden? (Hier kan ik in de eerste plaats zelf wat aan doen.) (2) Dan kunnen anderen er wat aan doen en (3) ook God kan er wat aan doen.

Eén van de belangrijkste valkuilen in ons bestaan is, dat wij proberen perfect te zijn. Wij willen alles zo goed mogelijk doen. Hier word je op de duur heel erg moe van. Vooral als je steeds niet haalt wat de lat voor jou eigenlijk is. Veel mensen lopen daar op een gegeven moment op stuk, op vast. Ze willen perfect zijn, maar ze zijn het niet. Misschien moet u eens gewoon voor de spiegel gaan staan als u daarmee worstelt en tegen uzelf zeggen: Ik ben niet perfect!

Mensen kunnen ook heel laag over zichzelf denken. Ze vinden zichzelf een nul. Niet meer dan dat. Ze zijn niet belangrijk. Maar er is niemand in deze wereld die zo is als u, niemand zoals jij. U bent wel belangrijk. Misschien moeten die mensen ook even voor de spiegel gaan staan en het durven zeggen: Ik ben belangrijk! Ik ben van waarde! Toen ik jong was, worstelde ik ook heel erg met wie ik nu eigenlijk was. Ik kon een aantal dingen wel, zoals rekenen en taal, maar ik had twee linkerhanden en dat heb ik nog steeds. Ik kan heel veel dingen gewoon niet. Ik compenseerde dat door anderen om mij heen te pesten. En ik pestte vooral 'Bluppie’. Hij was er één uit mijn vriendenkring. Hij had een soort 'buldog’-gezicht. Daarom noemden wij hem ook zo. Op een bepaalde dag had ik hem weer verschrikkelijk gepest, op een afschuwelijke manier en toen zei hij ineens tegen mij: Berend, jij doet altijd wat anderen willen dat je doet. Berend, je hebt geen persoonlijkheid. Ik liet het niet merken, maar ik nam het mee naar huis, ik nam het mee naar bed en ik stond ermee op.

Het hield me heel erg bezig. Toen dacht ik bij mezelf: Ben ik dat? Wil ik zo zijn? Wil ik zo omgaan met anderen? Mijn conclusie was: Nee, ik wil mezelf veranderen. Ik wil anders zijn. Ik wil anders reageren en respectvol met mensen omgaan. Die beslissing heeft me geholpen om me anders te gedragen en daardoor ook anders over mezelf te gaan denken. Inmiddels ben ik tientallen jaren verder, en ik ben geworden wie ik ben. Ik ben er eigenlijk ook wel trots op. Ik had altijd moeite met mijn achtergrond en met nog veel meer andere dingen. In de loop der jaren, door eraan te werken en ervoor te gaan, door beslissingen te nemen, ben ik gaan leren van mezelf te houden. Dat geeft balans en rust in mijn leven. Overigens ben ik er nog lang niet, maar toch door hard te werken en ervoor te gaan, ben ik ook ergens gekomen. Dat moest ik zelf doen, maar ook anderen kunnen er veel in betekenen.

In Handelingen 15 staat een prachtig voorbeeld. Het gaat hier over twee fantastische zendelingen: Paulus en Barnabas. Ze hebben zo’n jonge jongen meegenomen van een jaar of twintig. Die jonge jongen, Johannes Marcus, voelt zich thuis in het team, en gaat mee. Hij stelt zich een prachtige reis voor: wat klimmen, wat bergen zien en wat leuke dingen doen. Maar de realiteit is anders. Hij moet buiten slapen, er zijn wilde dieren, er is geen eten en drinken genoeg, mensen zijn vijandig…Dan denkt hij: Was ik maar thuis gebleven. Hij gaat weer als een speer naar huis toe, omdat hij het niet redt in de harde wereld waarin hij terechtgekomen is. Dan staan Paulus en Barnabas op het punt om voor de volgende zendingsreis weg te gaan. Barnabas zegt: Zullen we Johannes Marcus weer meenemen? Nee, zegt Paulus, die wil ik niet mee. Die geeft het toch op. Barnabas zegt: Ik wil hem een tweede kans geven. Hij heeft het niet gered, maar ik ga hem wat meer helpen en coachen. Ik neem hem wel mee. Het wordt een conflict. Paulus aan de éne kant en Barnabas en Johannes Marcus aan de andere kant. En wat gebeurt er met Marcus? Marcus groeit. Hij ontwikkelt zich. Hij wordt een fantastisch mens. Hij krijgt een tweede kans. Hij wordt begeleid en geholpen. Anderen heeft hij nodig die hem helpen. En hij groeit en groeit en groeit… Zo zelfs dat Paulus later aan zijn vriend Timotheüs schrijft: Wil je ook Marcus meenemen, want hij kan mij een goede dienst bewijzen. Ik heb hem nodig. Paulus heeft ingezien dat Marcus is gegroeid. Maar Marcus had anderen nodig om te kunnen groeien. Zo werkt het in het leven.

Een paar jaar geleden had ik een moeilijke tijd. Ik dacht: Doe ik mijn werk wel goed? Zit ik op de juiste plek? Moet ik hier wel blijven? Zal ik weggaan om wat anders te gaan doen? Het liep niet lekker in mijn gezin. Het liep niet lekker in onze familie. Zo waren er een hele berg dingen bij elkaar. Ik twijfelde aan mijzelf. Ik voelde mezelf niet van waarde. Er waren mensen om mij heen, uit de familie, uit de kerk, uit mijn kennissenkring en zij bemoedigden mij. Ze hielpen mij en lieten me merken: Je bent van waarde. We vinden je belangrijk en we houden van je zoals je bent. Ik kreeg in die tijd een kaartje met een prachtige tekst erop. Het kwam uit 2 Corinthiërs verwoord door het Boek. Er staat: Omdat God zo goed was, ons dit werk toe te vertrouwen, geven wij de moed niet op. En ik besloot om de moed niet op te geven. Ik weet niet hoe u erbij zit vandaag, want ik ken uw leven niet, ik weet niet hoe het met u gaat, maar ik adviseer u: Geef de moed niet op. Schakel anderen in bij uw leven en bij uw proces. Niemand redt het alleen. Samen met anderen redden wij het in het leven en mogen we en kunnen we het ervaren dat we van waarde zijn. Dat bent u ook.

Hoe kan ik van mezelf leren houden? Daar moet ikzelf iets aan doen. En anderen kunnen zo van grote waarde zijn. De Here God wil hier ook iets in doen en wil veel betekenen in het leven van mensen. Ik vind Petrus zo’n prachtig voorbeeld hiervan. Petrus was visser. Ik denk dat hij voorbestemd was als visser. Als Jezus niet in zijn leven was gekomen, was hij gewoon visser gebleven. Maar Jezus zoekt Petrus op en ontmoet hem. In Johannes 1 vers 42 staat dan: Jezus keek hem aan en Hij zei: Jij bent Simon, de zoon van Johannes, maar voortaan zul je Kefas heten. Dit betekent Petrus, Rots. Jezus zag iets in Petrus, wat niemand anders zag. Jezus riep hem uit zijn situatie vandaan en die Simon moest door het leven heen heel veel dingen leren. Het werd vallen en opstaan. Wat maakte die man een fouten! Het waren de liefde en de trouw van God en van Jezus, die groot was in zijn leven en steeds maar met hem door bleef gaan. Petrus verloochende Jezus en toch wil Jezus hem vergeven. Waar Judas uit de boot stapte, uit het leven stapte, zocht Petrus Jezus op en vroeg om vergeving. Jezus vergaf het hem en hij mocht verder gaan. Hij moest leren door diepe dalen heen naar God te gaan. Jezus wilde met hem verder. Hij zag iets in hem. Ik denk dat Petrus momenten heeft gehad, dat hij gedacht heeft: Mijn vrienden moeten mij niet meer, mijn familie moet mij niet meer, zelfs God moet mij niet meer. Maar God liet hem zien dat Hij vergeving schenkt. God wil verder met hem. Hij wil met hem door het leven gaan, want Hij gaf om Petrus. Hij houdt van Petrus. Toen kon Petrus weer verder. Petrus werd in zijn leven werkelijk die rots, waarvan Jezus al had gezien dat hij die zou worden. God ziet in u en mij iets wat we vaak helemaal zelf niet zien. Hij ziet het wel!

In onze kerk ken ik een mevrouw van ongeveer 45 jaar. Als je haar leven hoort, kun je eigenlijk alleen maar verdrietig worden. Zij heeft geen veilige basis gehad. Ze is opgegroeid in een gezin waar mensen helemaal verkeerd met elkaar omgingen. Ze was een incestslachtoffer. Haar huwelijk is mislukt en haar leven is ingestort. Ze kwam aan de rand van de afgrond terecht. Toen ontmoette ze haar man en hij zette haar leven weer op de route. Ze waren nog maar net met elkaar onderweg of ze kregen een ongeluk. Jaren van ziekte en gebrokenheid volgen. Zelfs moest ze een tijd in een rolstoel. In deze mevrouw zie ik, waar ik het vandaag met u over heb. Ze doet er zelf heel veel aan. Ze is een knokker en iemand die volhoudt. Iemand die zegt:: Ik wil er zelf wat aan doen, in mijn doen en laten en in mijn leven. Elke dag opnieuw. Ik zie mensen, een man en andere mensen in haar omgeving die tegen haar hebben gezegd: Voor mij ben je van waarde. Ik wil samen met jou jouw weg gaan. Je bent het waard. Anderen doen er wat aan.

Misschien heeft u ook wel liefde om u heen nodig. Weet dat er altijd mensen zijn, die om mensen geven. Misschien kunt u gewoon een keer voor de spiegel gaan staan en zeggen tegen uzelf: Ik ben waardevol! Ik mag er zijn! Deze mevrouw kwam in de kerk terecht. Eén keer in haar ziekzijn, heeft ze geroepen naar God. En op een onverklaarbare manier komt ze hier de kerk binnen. Ze gaat op zoek naar God, waar ze heel anders tegenaan keek, dan hoe ze er nu tegenaan kijkt. Ze maakt een hele ontwikkeling door. Op Goede Vrijdag 2003 heb ik met haar gebeden, samen met haar man. We zijn naar God gegaan. We zeiden: Here God, wilt U betrokken zijn bij dit leven? We begrijpen lang niet alles en ook zal alles niet goed blijven gaan, maar we willen U erbij betrekken omdat U van haar houdt. Ik vergeet nooit wat ze na dit gebed zei. We zeiden amen en zij zei: Nu ben ik nooit meer alleen. God houdt van mensen. God wil met u en met jou onderweg gaan. In Marcus 12 staat dat prachtige gebod: Heb de Here, je God lief boven alles en je naaste als jezelf. Het is belangrijk om daar te beginnen. Doe er zelf iets aan, schakel anderen in en vraag of God u als een Vader wil omarmen in Zijn liefde. Amen.

Gebed na

Vader in de hemel, dank U wel dat U wacht totdat we komen. Dank U wel dat U geduld hebt. Dank U wel dat U liefdevol bent. U bent een God, Die van mensen houdt. U heeft het zo laten zien door Uw Zoon te sturen naar deze wereld. Mensen, die op dit aanbod ingaan, mogen ontdekken dat er een God is, Die op hen wacht, hen omarmt en hen liefheeft. We bidden U, Here God, of veel mensen mogen komen. Dat ze mogen ontdekken dat ze bij U een warm en liefdevol Vaderhart mogen vinden. Help hen op die weg. Dank U wel dat we ook van onszelf mogen houden. Dank U wel, voor alles wat U geeft. Heer, wij bidden ook voor de komende week. Wilt U met ons meegaan, waar we ons ook bevinden? Thuis, op school of op ons werk. Wilt U de God zijn, Die met ons gaat? We bidden dit in Jezus’ Naam. Amen.









Slotgebed
Vader in hemel dank U wel voor wie U bent, dat U van mensen houdt zoals zij zijn.
Dat u van mij houdt zoals ik ben. Dank u dat u ons wilt helpen om aan onszelf te werken, dat u andere mensen om ons heen geeft om ons te vormen, dank U wel dat U in Uw liefde aan mij/ons wilt werken zoals een pottenbakker aan een nieuwe vaas.
Help ons om naar onszelf te leren kijken, zoals u naar ons kijkt.
Wij bidden u ook voor de week die voor ons ligt, ga met ons mee Here God,
Thuis, school en werk in Jezus naam, amen.

 

reageerReageer op deze uitzending



terug


omhoog